Zeekajakvaren bij Kanowaard

Kanowaard organiseerd niet meer tochten op grootwater, individuele leden doen dat soms wel op eigen gelegenheid of via de stichting Peddelpraat

Door een flink aantal leden van Kanowaard wordt regelmatig op de Noordzee, IJsselmeer, de Waddenzee of ander groot water gevaren. Hiervoor worden speciale zeekajaks gebruikt. Deze zijn banaanvormig, waardoor ze goed over de golven varen in plaats van er dwars doorheen. Daarnaast hebben deze kajaks waterdichte compartimenten, die met rubber deksels afsluitbaar zijn. Deze kajaks blijven dus, ook met belading en na omgeslagen te zijn, altijd drijven. De boot heeft ook grijplijnen langs de boorden en toggles aan de punten zodat je ook na een onvrijwillige zwempartij je boot bij je kunt houden. Ook draag je een spatzeil, een soort rokje waarvan de rand om de kuip van je kajak past zodat golven niet in je boot komen.

Nog meer van deze veiligheidsaspecten waar een zeekajakker de nadruk op legt: zeeschip


zeehondDe tochten op de Waddenzee zijn het meest populair omdat je dan vanuit de kajak een uniek natuurgebied kunt bekijken. Er wordt uiteraard rekening gehouden met de zogenaamde waddencode, de spelregels om de natuur en de daarin levende dieren te beschermen. Dit betekent bijvoorbeeld dat je niet in de buurt van zeehonden gaat aanlanden, omdat ze moeten uitrusten en hun kleintjes moeten zogen. Dat lukt namelijk niet zwemmend in het water. Als hun rust te vaak wordt verstoord lopen we kans dat ze ziek worden. Zeekajakkers kunnen er wel op ruime afstand langs varen, dat is een mooi gezicht. Soms worden kajakkers gevolgd door nieuwsgierige zeehonden. Ook zien ze vele vogels, zoals... Een enkele keer kun je duikende bruinvissen zien, soms vlak langs de kajak.

Het kan flink spoken op de Waddenzee, zeker als de wind en de stroming tegen elkaar in staan. Je bouwt er flinke spierballen mee op. Wanneer een vaargeul wordt overgestoken, gebeurt dat met de hele groep tegelijk in een hoog tempo. Er vaart namelijk ook vrachtverkeer, veerboten of pleziervaart, zoals zeilboten. Ze wijken meestal niet uit voor één kajakker, die is moeilijk te zien. Kajakkers kunnen beter goed opletten en in een groep varen. Bij de start en het einde van een tocht melden zeekajakkers zich door middel van een marifoon bij de kustwacht. Enkele leden hebben daar een vergunning voor en het verhoogt de veiligheid. Er wordt ook gepauzeerd, meestal op een stuk strand en dan wordt de proviand achter de luiken vandaan getoverd. Warme koffie in het vaak frisse windje of een cup a soupie smaakt dan erg goed.

MarkenDe grootwatervaarders van Kanowaard maken ook regelmatig tochten op het IJsselmeer. Het grootste verschil met tochten op zee is dat de golven korter op elkaar volgen in plaats van de zeedeining. Naar mate de kajakker goed los is in de heupen, vaart dat makkelijker. Bij harde zijwind komt de in de cursus geleerde technieken goed van pas; , opkanten en boogslagen. Ook kun je de scheg gebruiken om kajak te trimmen. Dit is een soort vin, die je onder de kajak kunt laten zakken door middel van een kabel, die je op de kajak vlak bij de kuip kunt bedienen.

Je kunt leuke havens bezoeken, zoals Volendam, Marken, Urk en Stavoren. Ook kun je al varende Pampus bezoeken, vlak bij Amsterdam en Almere. Dat is in het Markermeer. Dat maakt het varen afwisselend.

Let op: varen op groot water werkt verslavend en is grens verleggend. Naar mate de kajakker meer geoefend is, durft hij steeds meer wind en hogere golven aan. Ook de afstanden worden langer. Een aantal leden varen expedities, hiervoor kun je hun website bezoeken: www.zeekajakkers.nl. Een aantal organisaties organiseren speciale cursussen of zeekampen en groot water tochten, zoals Peddelpraat, TKBN en NKB.

Hieronder een Youtube filmpje wat de sfeer goed weer geeft.

Deel 2